Internationaal perspectief
Al vanaf het ontstaan van de universiteiten in de middeleeuwen waren er studenten die door Europa trokken om in universiteitssteden kennis te vergaren. Van de zeventiende tot het begin van de twintigste eeuw was bij de zonen uit de gegoede standen de grand tour een onderdeel van de opvoeding: als overgang naar de volwassenheid reisden deze jongens langs universiteitssteden in heel Europa, maar met name Italië, om er kennis en vaardigheden op te doen. Vanaf de tweede helft van de negentiende eeuw bezoeken academici universiteiten buiten de landsgrenzen om kennis uit te wisselen en met elkaar van gedachten te wisselen over wetenschap. Internationalisering van het onderwijs is van alle tijden.
Ook binnen het primaire en het voortgezet onderwijs heeft het thema ‘internationalisering’ een lange traditie. Al in de eerste helft van de negentiende eeuw reisden Nederlandse pedagogen naar hun buitenlandse collega’s om te zien hoe er elders onderwijs werd gegeven. De kennismaking met nieuwe leermiddelen was eveneens een belangrijke reden om over de landsgrenzen te kijken: veel negentiende-eeuwse in het Nederlandse onderwijs gebruikte schoolplaten zijn afkomstig uit Duitsland. De pedagoog Jan Ligthart (1859-1916) werd aan het begin van de twintigste eeuw door zijn Zweedse collega’s uitgenodigd om lezingen te geven over de wijze waarop hij in Nederland de reformpedagogiek in de praktijk bracht.
-
Friedrich Fröbel is een Duitse pedagoog die het onderwijs in Nederland beïnvloedde. Zo maakte Elise van Calcar-Schiotling in 1858 kennis met diens werk door een ontmoeting met de Duitse prapagandiste Bertha von Marenholtz.
Collectie Nationaal Onderwijsmuseum, Rotterdam
-
In de Vroegmodere tijd (ca. 1500-1800) trokken zonen van gegoede ouders vaak naar Italië. Dit als onderdeel van een goede opvoeding. Vaak werden dan plaatsen uit de Oudheid of de Renaissance bezocht, zoals hier Florence (Baptisterium en Dom).
Collectie Nationaal Onderwijsmuseum, Rotterdam
-
De Duitse schoolplaten die onderwijzer Berend Brugsma in Nederland introduceerde tonen aan dat ook leermiddelen de nationale grenzen overschreden. Hier de plaat ‘Trekken, Rijden, Schuiven’.
Collectie Nationaal Onderwijsmuseum, Rotterdam
-
Internationalisering vond ook op het terrein van de leermiddelen plaats. Een vroeg voorbeeld vormt de verkeersles: kartonnen map, gevuld met 40 platen met internationale verkeersborden. Bedoeld voor het derde leerjaar van de lagere school (1939).
Collectie Nationaal Onderwijsmuseum, Rotterdam
-
Jan Ligthart (1859-1916) werd in het begin van de twintigste eeuw uitgenodigd door Zweedse vakgenoten om lezingen te geven over de manier waarop hij de Reformpedagogiek in de praktijk in Den Haag bracht.
Collectie Nationaal Onderwijsmuseum, Rotterdam
-
Verschillende nationaliteiten op de Pretoriusschool in Den Haag (jaren ’70). Een andere vorm van internationalisering van de samenleving.
Collectie Nationaal Onderwijsmuseum, Rotterdam
-
Schoolgebouw en leerlingen op het schoolplein van de St. Jozef Mavo met Brigidaschool (R.K. Lagere school), Curaçao, Nederlandse Antillen (ca. 1960). Ook hier wordt Nederlands onderwijs gegeven.
Collectie Nationaal Onderwijsmuseum, Rotterdam
-
Maria Montessori (1870-1952; portretfoto op 18-jarige leeftijd) was een Italiaanse pedagoge, die in de tijd van de Reformpedagogiek een eigen leermethode ontwikkelde, die in Nederland veel navolging vond. Zij vestigde zich enige jaren in Nederland en werd in 1950 benoemd tot Officier in de Orde van Oranje-Nassau en ontving een eredoctoraat van de Universiteit van Amsterdam.
Collectie Nationaal Onderwijsmuseum, Rotterdam
In de afgelopen halve eeuw zijn uitwisselingen van leerlingen en studeren in het buitenland steeds meer in zwang gekomen. Buitenlandervaring voor middelbare scholieren en studenten is zeer waardevol, omdat dit de kansen op de arbeidsmarkt vergroot en de persoonlijke horizon verbreedt.
Overheden stimuleren de uitwisseling van kennis, waardoor er tal van internationale uitwisselingsprogramma’s tussen scholen en universiteiten. De laatste decennia zijn diploma’s ook steeds ‘internationaler’ geworden, waardoor het studieterrein en het toekomstige werkveld groeien en de uitwisseling van kennis en vaardigheden vergemakkelijkt wordt.
Door ons koloniale verleden is er een lange traditie van Nederlandse scholen in het buitenland. Kinderen van Nederlanders die in Suriname de Antillen of Indonesië verbleven, konden daar naar school. En nog steeds wordt Nederlands onderwijs gegeven, zowel basis- als voortgezet onderwijs op plaatsen waar grote groepen Nederlanders langdurig verblijven.












